#37 Rolmodellen

Speaker 1:

Tof dat je weer luistert naar aflevering 37 alweer van Geloofsvoergesprek. Een aflevering waarin Dick en ik in gesprek gaan met elkaar, jawel, over rolmodellen. Wie waren vroeger nou rolmodellen voor ons toen we als tieners druk zoekende waren naar wat dat geloof nou eigenlijk allemaal betekent en wat niet. Dus luister met ons mee.

Speaker 2:

Goedenavond, Renco.

Speaker 1:

Yes, goedenavond.

Speaker 2:

We gaan het vandaag eens hebben over rolmodellen. Lekker meteen met de

Speaker 1:

deur in huis. Ja,

Speaker 2:

ja. Ik denk dat ze daar genoeg over te vertellen hebben. Of wil je nog wat vertellen over je week? Nou, de laatste keer dat ik je gesproken heb stond je aan de vooravond van een driedaagse wandel.

Speaker 1:

Ja, ik heb net van mijn kleine teen zeg maar het afgestorven blarenvel afgescheurd. Dus dat ligt achter me. Maar ja, afgezien van de blaren die ik nog niet helemaal meester ben of tenminste het voorkomen ervan, heb ik heerlijk gewandeld. Ik had 3 dagen gewandeld in een klein stukje Noord-Brabant en voor de rest in Noord-Limburg. Ja.

Speaker 1:

En ja, dat was goed. Vooral. Ik vond vooral die middelste dag erg leuk. Omdat je dan echt een dag alleen maar wandelt. Dus je rolt des morgens in zo'n hutje.

Speaker 2:

Die bezig bent met vertrekken of aankomst.

Speaker 1:

Precies, je hebt geen reis. Je hebt alleen maar. Ik moest volgens mij die 2 aters wel een flinke etappe. Ik moest wel een flink stuk lopen, maar ik dacht dit er 1 wat ik hoef te doen vandaag. Dan des avonds kom je aan op de camping en dan is er weer een of ander trekker zitje voor je.

Speaker 1:

En dan ga ik zo laat mogelijk nog langs de supermarkt, want dan moet je al die boodschappen bij je tas in en dan ben je eigenlijk al bij je al stukken weet je wel. Dan moeten die die lekkere koude biertjes die moeten ook nog bij de rugtas in. Dan denk ik nog een klein stukje en dan sjarg in de camping en dan gaat die tas af en gaan schoenen uit en dan trek je zo'n blikje open. Als je dan ergens een stoel hebt, Heerlijk.

Speaker 2:

Klinkt eigenlijk alsof je een week weg moet, want dan heb je meer dagen ertussen.

Speaker 1:

Ja, ik las vandaag nog de laatste blog van ik weet niet meer hoe ze heet, maar op Lazavus.

Speaker 2:

En Maion moet.

Speaker 1:

Ja Maion die liep de camino, die heeft 1000 kilometer gewandeld en die ging nu weer gaat nu weer terug naar huis. Ja, dan denk ik wel. Die staat ook nog wel op mijn lijst, die ga ik lopen. Ik ben nog niet zo ver, voorlopig nog niet. Fysiek niet.

Speaker 1:

Qua gezin is het ook nog een beetje lastig enzo. Maar dat lijkt me echt prachtig.

Speaker 2:

Ja. En dan echt vanaf Nederland?

Speaker 1:

Nee, nee, niet vanaf Nederland. Nee, ik denk ergens vanaf ja, de Frans Spaanse grens. Misschien aan de ene kant van de Pyrinee of de andere. Dat zijn dingen waar ik nog niet over nagedacht heb, maar. En jij?

Speaker 1:

Wandel jij wel eens?

Speaker 2:

Nee, nee joh, hardlopen.

Speaker 1:

Gaat vlotter hè?

Speaker 2:

Ja, gaat vlotter. Ja, en dit jaar wil ik nog een marathon lopen.

Speaker 1:

Jemig.

Speaker 2:

Of nee, dat wil ik niet. Kaartjes al gekocht. Dus ik moet al.

Speaker 1:

Stap 1.

Speaker 2:

Ja, ja, de training is vorige week begonnen. Dus dat is toch wel vanaf nu gedisciplineerd. 4 keer in de week.

Speaker 1:

Zo. Stok achter de deur.

Speaker 2:

Ja. Aankomende maandag, Tweede Pinksterdag, ga ik de Elfstedentocht fietsen. 235 kilometer. Nee joh. Op 1 dag.

Speaker 2:

Waarom? Ik was toch uitgenodigd door mijn vorige werk jongeren eigenlijk. Jemig. Ja, maar ik moet er wel bij vertellen het is geen wielerwedstrijd. Hanteren ook in de reglementen niet harder dan 25 kilometer per uur om duidelijk te maken van het is geen wieler.

Speaker 2:

Het is niet de bedoeling dat je keihard gaat. Er werd mij zelfs verteld als je ergens te vroeg op een post komt, zeg maar bij een van je afvinkposten, dan houden ze je gewoon tegen. Want je moet, er is een bepaalde tijd. Je bent

Speaker 1:

te hard gegaan.

Speaker 2:

Maar ja alsnog. Ik ben daar vooral bang voor mijn rug enzo. Ja, conditioneel denk ik dat ik het nog wel kan.

Speaker 1:

Ja, ik zou, mijn gedachten gaan ook uit naar het zitgedeelte zeg maar. Ja, echt he?

Speaker 2:

Ja, dat denk ik ook. Ik zie, ik heb er ook niet heel hard voor getraind, dus ik ben er wel een klein beetje bang voor. En de weersvoorspellingen zijn regen enzo.

Speaker 1:

Ja, dat schuurt nog extra.

Speaker 2:

Ja, maar goed, ik had het beloofd en ik was het eigenlijk al vergeten totdat iemand mij attendeerde.

Speaker 1:

Zelfs als je jeugdwerker af bent, dan zijn nog verplichtingen waar je voor even herinnert?

Speaker 2:

Ja, deze is best wel heftig. Zie het ook maar als training.

Speaker 1:

Jij ook goed dan ik. Wij gaan een dagje naar het strand morgen. Ook leuk.

Speaker 2:

Vanmorgen dat mussen van het dak. Ik heb het even niet meegekregen.

Speaker 1:

Ik heb. Nou, ik denk dat een beetje zoals vandaag is. Maar goed, die luisteraar die luistert dit natuurlijk ergens midden in een regenbui ofzo. Dus ja,

Speaker 2:

ja, die bekijkt de foto's maar. Heftig. Maar goed, ik zou ook het

Speaker 1:

Een beetje onwerkelijk voor ons dat we zo cash vol beginnen zo.

Speaker 2:

Ja, dat is ook oké.

Speaker 1:

Experimenteren. Roommodellen. Waarom rolmodellen? Waarom? Waarom heb je zo nodig?

Speaker 2:

Ik moest er pas een hoofdartikel voor het kerkblad in Nijkerk schrijven. Een hoofdartikel?

Speaker 1:

Dat is dan als je de voorblad omgeslagen hebt, dan dan zaaien?

Speaker 2:

Ja, dan moet ik wel opmerken dat zij een verschrikkelijk hoog tempo hebben, want dan komt elke week een kerkblad uit.

Speaker 1:

Met een hoofdartikel.

Speaker 2:

Met een hoofdartikel. Er is ook geen kerkbrief. Een kerkbrief is voor de luisteraars gewoon zeg maar 1 A4'tje of kleiner.

Speaker 1:

Dat ken ik ook ja.

Speaker 2:

Ja, zo'n kerkblad. Dit ding staat gewoon elke week 20 tot 30 pagina's. Ja, heb op het bureaublad staan heel veel ongelezen dingen. Maar goed, op een gegeven moment ze hadden wel bedacht dat er wat jongere schrijvers aan het woord moesten. Dus nou, ik was natuurlijk nieuw jeugdwerker, dus voilà.

Speaker 1:

Je bent ook zo lekker jong hè?

Speaker 2:

Ik voel me in vergelijking met wat ik voor het blad schrijf, ben ik super jong. Dus dat helpt. Maar goed weer met de doelgroep waarmee ik werk ben ik een stokoud. Dat klopt. Maar toen moest ik nadenken daarover.

Speaker 2:

Moest denken aan ja, puberruil was weer begonnen op tv.

Speaker 1:

Ja, had je vorige week over geschreven.

Speaker 2:

Ja, en puberruil vond ik echt een heel tof programma. En ik ben gewoon nooit meer zo'n uitwisseling vergeten tussen Staphorst en Haarlem. Dat vond ik gewoon prachtig. En in mijn artikel dacht ik, daar ga ik wat over zeggen. Omdat die aflevering mij toen in die onbeholpenheid van die moeder uit Staphorst, die dat jongetje uit jongen uit Haarlem zo graag het geloof wilde uitleggen.

Speaker 2:

Dat voor haar doen volgens mij heel helder uitlegde. Maar ja, het was eigenlijk prachtig om die jongen.

Speaker 1:

Die taaide helemaal af?

Speaker 2:

Die zag je echt gewoon. Hij was heel beleefd, maar die gaf later ook aan dat is echt Aba Kadabra, eigenlijk met mijn religieuze achtergrond en ik probeer een beetje te luisteren vanuit zijn positie was het eigenlijk ook.

Speaker 1:

Is dat voor jou? Jij dacht ook ik taai je ook af.

Speaker 2:

Ja, taai je ook af, maar het was voor mij wel een keerpunt. Dat heb ik in dat artikel geschreven, omdat ik toen wel, het was van vrij jong, dat ik toen dacht van ja, dit wil ik, dit mag mij niet overkomen. Dat dacht ik echt. Ik wil niet later iemand worden die dit gewoon niet makkelijk kan uitleggen. En ik had al mijn fair share of dit soort dingen op school meegemaakt.

Speaker 2:

Weet je wel dat je dan soms voor het blok hebt gezet. En waarom vind je dat eigenlijk? En daar kwam ik ook niet altijd goed uit de woorden. Maar deze aflevering dacht ik ja. Ik was aan het schrijven en toen dacht ik ja, dat vond ik toendertijd.

Speaker 2:

Dat is mij niet geleerd. Vond ik jammer. En toen kwam ik eigenlijk op het punt van ja, wat vond ik eigenlijk toen? Wat heb ik nog meer gemist? En toen kwam ik ook op voorbeeldfiguren uit.

Speaker 2:

En was een toneel dus niet alleen.

Speaker 1:

Een voorbeeldfiguur in je geloof. Ja

Speaker 2:

precies. Dus ook iemand die mij zeg maar dus dat verhaal kon vertellen van die mij even wat ze zeg maar wat handreikingen deed na van nou ja, je met iemand gaat praten, je weet niet precies hoe en wat, zeg dan dit, weet je wel of begin eens wat laagdrempeliger of zo weet wel.

Speaker 1:

Of vermijd bepaalde woorden die wij onszelf aan ons eigen hebben gemaakt

Speaker 2:

of als je echt weer bang bent dat het weer over abortus begint, weet je wel. Zorg dan dat het onderwerp naar iets anders toe gaat weet je wel, dat soort dingen. Maar ik dacht überhaupt, ik ging gewoon nadenken over mijn puberteit. Ik dacht ja eigenlijk alle toffe mensen die ik zag die stonden eerder bij concert of weet je wel, maar in de kerk dat was toch gewoon, dat was gewoon een hele aparte, bijna een aparte planeet, weet je wel. Ik ging daar gewoon, daar deed ik mijn religieuze dingen, maar eigenlijk was het helemaal niet gerelateerd met mensen waar ik heel geïnspireerd door raakte of die zeg maar heel belangrijk voor me waren.

Speaker 2:

En ik heb het uiteindelijk gered, althans ik ben nog steeds christen, maar ik dacht achteraf vanuit.

Speaker 1:

Je eigen podcast.

Speaker 2:

Ja, ja, zag het. Ik dacht zelf van dat is best wel jammer. Ja, ik Ik zal niet zeggen dat mijn werk nu dat ik een voorbeeldfiguur wil zijn voor de jongeren, maar ik denk in zekere zin toch ook weer wel.

Speaker 1:

Ja, ik moet zeggen is dat dan zo? Het is toch niet raar om dat toe te geven dat je dat je die rol, ja, dat die ook een beetje bij je functie hoort denk ik.

Speaker 2:

Ja. Ja, het klinkt alleen een beetje te particulier ofzo, denk ik op een bepaalde manier. Het gaat natuurlijk niet echt om mij, maar ik denk wel. Ik wil wel een soort houding, laat ik dat zo zeggen.

Speaker 1:

Ja, nou ik vind het wel een interessant onderwerp hoor, want ik herken me daar wel in. Kom uit een vrij behouden hervormde gemeente en daar zaten we wel allemaal in de kerk op zondag. Het was een fijne club om bij te horen. Ik kan niet anders zeggen. Ik ben ook wel daar weggegaan met een beetje pijn in mijn hart.

Speaker 1:

Maar goed, er waren ook echt voldoende redenen om toch mijn heil ergens anders te zoeken. Kan ik toch onschuldig gebruiken. Maar in die gemeente merkte ik ook wel van ja, je luisterde vooral. Dus er werd niet zoveel gevraagd. En als je als je wel in zo'n setting zat dan ja, dan had je een soort ja, standaard antwoorden waarvan je wist nou die dat is dan ongeveer wat je nu zegt.

Speaker 1:

Daarmee was het dan niet echt van mijzelf. Ik ben natuurlijk wel op relatief jonge leeftijd daar weggegaan, zeg maar een jaar of 18 ofzo denk ik. Zoiets of 20. Maar ja, ik dacht en denk dat nog steeds wel eerlijk gezegd van ik heb daar afgelopen weekend organiseerde vanuit die kerk een grote rommelmarkt. Daar ben ik elk jaar nog bij.

Speaker 1:

Toevallig zaten we vrijdagavond aan, zakken we een beetje door, eten we een visje.

Speaker 2:

Het leukste gedeelte toch?

Speaker 1:

Ja, ja, drink mijn pilsje. Toen kwam ik met die 2 jongens aan de praat die nu die jongerenclub die ik ook destijds leidde nog steeds leidde. En toen kwam het op dit onderwerp van hoe kun je nou goed een christelijke jeugdvereniging zijn? Kun je die C van christelijk dan nog overeind houden? Zij gaven eigenlijk aan van ja, die zijn we wel, die is er eigenlijk niet meer echt.

Speaker 1:

Dat vinden we ook niet erg omdat het gewoon ja dat dat is niet niet goed mogelijk om die jongen op die manier aan te spreken. En toen ik daar een beetje op doorvroeg toen zei hij ook van ja, wij zijn ook zelf gewoon niet goed in. Dat is lijnt heel erg uit met wat jij zegt. We weten ook gewoon niet hoe we die brug moeten slaan. Ik vind het een beetje mijn woorden dan hoor, maar dat proefde ik heel erg.

Speaker 1:

Een soort onbeholpenheid van oké, we zitten wel in die kerk en dat zegt ons ook wel wat, maar we zijn eigenlijk niet goed in staat om dat in toegankelijke, meer alledaagse taal aansprekend of prikkelend over te brengen naar jeugd. Het lukt gewoon niet.

Speaker 2:

Dat is

Speaker 1:

gewoon niet hoe in staat.

Speaker 2:

Ja, dat vertelde, toen dacht ik gewoon. Ik dacht letterlijk van het is gewoon, het is als je in de kerk zit ben je toch wat losgezongen van de realiteit. Dat is heel raar. Weet je wel, ik wil een kerk zal ook misschien zeggen van we zijn, zeggen ze dat er altijd wel in de wereld, niet van de wereld. Dus eigenlijk ergens draag je dat ook wel uit.

Speaker 2:

Van nou, we zijn niet. We zijn niet zoals je alledaagse activiteiten.

Speaker 1:

Nee, dus het mag ook anders zijn.

Speaker 2:

Maar aan de andere kant, zorgde dat vooral op jonge leeftijd bij mij wel voor dat het dus gewoon, ja wat ik zei, echt soms een andere planeet was. Ik heb ook in mijn artikel geschreven. Ik had er helemaal niet zo heel veel last van. Het was gewoon heel raar dat ik ik had gewoon overal op school gewoon goede aansluiting op de voetbal had ik er. Dat ging allemaal crescendo weet je wel.

Speaker 2:

Dat gewoon ging gewoon sociaal goed.

Speaker 1:

En in

Speaker 2:

de kerk gewoon niemand. Ik had met misschien 1 jongen een klik, maar ook niet niet op een vriendschappelijke weet je wel. Er zat ook geen soort voor mij

Speaker 1:

ook heel een soort gedwongen winkel neer. Ik zou Frans ja ja ja ja exact

Speaker 2:

dat soort dingen weet je. Of de ja dat hoesje van jou dus dat meisje ook mee fietsen, anders moest je des avonds alleen naar huis. Dat je daar dan zeg maar plichtmatig wat mee hebt. Dat was het dus ook. Dus ik miste dat heel erg.

Speaker 2:

En dan hing er natuurlijk een beetje die zweem nog omheen, vooral in de puberteit. Ik luisterde allemaal muziek die allemaal Verderfelijk, verderfelijk enzo, weet wel. Waarvan ik zeg van ja, mocht allemaal niet. Dus ik dacht ja, vind het eigenlijk wel cool. Weet je wel, ik weet niet waar.

Speaker 2:

Ik heb ook geen zin om het op te geven.

Speaker 1:

Maar oké, maar dus een rolmodel. Toen je je voorstelt om het hierover te hebben, merkte ik wel dat ik ook vrij snel dacht ja, een rolmodel. Ik zoek dat best wel dicht bij huis. Dus je hebt zeg maar rol rolmodellen kan je hebben in de kerkelijke context. Dat kan een jeugd leider zijn.

Speaker 1:

Ja, kan ook gewoon. Ja, nou dat is eigenlijk wel voor de hand liggend of een clubleider of hoe je het ook maar wilt noemen. Iemand die zeg maar wel ouder is, maar ook niet te veel ouder is, zodat het nog een beetje relateerbaar is. En het liefst iemand die ontspannen, zo zie ik het althans, iemand die gewoon ontspannen over geloven praat, daar niet zo van die speciale taal voor gebruikt waardoor het heel natuurlijk klinkt of niet authentiek. Gewoon iemand die daar net zo alledaags over kan praten als over de voetbalwedstrijd.

Speaker 1:

Ik ben geen voetbalfan, maar even zoiets. Dus dat inspireert dan wel. Dan denk je van ja, dat is helemaal niet een andere wereld zoals jij net zegt. Het is gewoon, daar kan je gewoon normaal over praten. Ja.

Speaker 2:

Ja, dat is wel grappig dat je dat zegt, want ik denk dat dat is dus meer een mentor dan zeg maar, Gewoon buddy, weet ik veel hoe je dat wil. Terwijl ik, terwijl ik dacht, ook dacht van ik zat ook alweer te denken aan gewoon, het zou voor mij best wel een abstracter iemand kunnen zijn. Gewoon iemand die cool is, weet je wel. Ik weet wel dat ik achter de concerten gewoon. Ik weet nog heel goed.

Speaker 2:

Was op Lowlands. Ging naar Interpol kijken, vond ik wel een stoere band. Ik weet dat ik daar achter 3 van die jongens stonden. Er waren gewoon. Ik weet misschien als ik weet je als je nu terug zag gaan in de tijd was helemaal niet cool.

Speaker 2:

Ik weet nog ik naar die 3 keken. Als ik later groot ben, dan wil ik zo zo eruit zien, weet je wel. Gewoon echt tof. En ook dat was volgens mij ook al genoeg in die abstractie. Weet je wel, dat je ook gewoon merkte van ja, die zitten ook in die kerk.

Speaker 1:

Ja, ja, dat precies. Dus dat hoeft niet iemand te zijn waar je die die die persoonlijk op jou betrokken is ofzo, maar gewoon iemand waar je af en toe met een schuin oog naar kan kijken en zeggen hey, dat zou ook voor mij in het verschiet kunnen liggen.

Speaker 2:

Precies, ook omdat natuurlijk ik toendertijd mijn oma zo keek, ik kwam naar Nederlands zingt en dan ja, dan ging die camera die ging dan over. Sorry mensen die daar bij betrokken waren. Maar dan ging die camera over het publiek en dan dacht ik ja nee nee bij deze club wil ik dan misschien toch niet horen weet je wel en en ik had soms dat nodig van ja, coole mensen doen weet

Speaker 1:

je wel. Soms is Koele mensen dat op die tiende leeftijd uit als zich denk ik ook door bijvoorbeeld hoe je je kleed kan

Speaker 2:

voelen. Hoe

Speaker 1:

er voor u er uitziet. Hoe je ook

Speaker 2:

dus wat je doet weet je. Ja die gaan ook gewoon naar de sportschool of zo weet je of die gamen ook. Als er toevallig 2 dingen die ik niet zo leuk vind, maar ik kan me wel voorstellen dat zij dat dus interessant vinden dat je dat dan ook doet in plaats van dat het is iemand die zegt van ja ik was 16 jaar aan het drugs en toen heb ik God gevonden en weet je wel, dan krijg je dat riedeltje weer weet je wel, kennen ze ook wel.

Speaker 1:

Of we hadden geen tv vroeger, ook weer lastig om aan te relateren.

Speaker 2:

Ja, en nou ja, en over rolmodellen verder. Maar ik vind het dan wel leuk om zo meteen over jou, diverse van jou te praten. En ik dacht, ik ging natuurlijk moest ik ook denken van ja, zijn nu mijn rolmodellen? Daar ging

Speaker 1:

ik ook geloof rolmodel bedoel je dan?

Speaker 2:

Ja, weet je wat wie zijn nu waar luister ik graag naar? Ja,

Speaker 1:

nou ik merk wel vaker genoemd hier die dit dus podcast. Daar mogen wij allebei graag naar luisteren, Omdat wat ik denk dat daar best goed lukt is in vrij alledaagse taal. Er zijn wel mensen natuurlijk die zitten in die podcast die allemaal zeg maar impliciet hebben afgesproken. We gaan hier even werk van maken. Dus het is niet helemaal casual aan de bar of bij de sportkantine.

Speaker 2:

Nee,

Speaker 1:

maar het lukt wel. Als ik dat luister denk ik dit is is een gesprek wat goed te volgen is wat niet te veel geloofstaal bevat, maar tegelijkertijd wel een oprechte poging om neer te leggen wat dat geloof over sommige onderwerpen te bieden heeft. Ik vind ik echt, vind ik echt positief. Dus het kan wel alleen dit is natuurlijk een podcast die helemaal geproduceerd wordt. Hebben wel wat voorwerk gedaan en wij zitten gewoon in ons dagelijks leven.

Speaker 1:

Wij maken een podcast die qua productiewaarde niet helemaal in dezelfde hoek ligt. Als ik aan rolmodellen denk, dus toekomstige rolmodellen vind ik ook wel leuk om zo even over te hebben. Maar als ik aan rolmodellen denk, dan zoek ik het ook best wel snel dichtbij. Dus ik kijk dan in mijn familie of in mijn gezin. Dan kijk ik met mijn ouders of naar mijn zus.

Speaker 2:

We kunnen ook wel een shout-out naar je schoonvader doen. Misschien dat hij dit luistert, maar even alle gekheid over stokje. Daar kun je wel altijd heel goed mee praten zeg je.

Speaker 1:

Ja, ja, dat klopt ja.

Speaker 2:

Zonder hier een hagiografie oftewel een helden epos nu te gaan doen. Het is bijzonder als je toch soms een klik hebt waarvan je dat.

Speaker 1:

Ja, ik zei laatst hoorde ik mezelf tegen iemand zeggen je kunt eigenlijk veel beter een gesprek over je geloof hebben met een niet gelovige. Dus eigenlijk dan werkt dat dit dus misschien ook wel goed. Omdat het als je allebei dat er oprecht er werk van maakt, de tijd en de moeite insteekt in dat gesprek. Dus ook de wens hebt om er wat uit te halen. Dan zou ik denk ik liever praten met iemand.

Speaker 1:

Heeft ook een beetje te maken met die boekenclub. Ik zit nu bij zo'n boekenclub over

Speaker 2:

over Ekkart.

Speaker 1:

Ja. En daar zitten dus mensen die ja vanuit allerlei stromingen komen. Hij praat heerlijk, onbevangen, vind ik heerlijk. Ja, ik heb niet het gevoel dat ik mezelf moet filteren of wat dan ook. Maar goed, even terug naar de rolmodellen.

Speaker 1:

Ik heb dat vroeger niet echt. Die inspirerende rolmodellen zoals jij hem net neerzette, die ken ik ook niet. Die ken ik gewoon niet. En dan bedoel ik het dan op de tiende leeftijd.

Speaker 2:

Ja, we hebben nu net 2 dingen gedaan. We hebben zeg maar een soort meer mentorschap. Dus iemand die je zeg maar bij de hand neemt. Die versie heb je die gehad of bedoel je ook gewoon iemand waar je.

Speaker 1:

Ja, ook gewoon iemand die je gewoon aan jouw woorden tof vindt weet je wel. Waarvan je denkt van hey, is iets wat ik ook wel zou willen. Ja, ik heb eigenlijk dat. Nee, dat heb ik ook niet gehad. Terwijl later toen ik ouder werd gedacht van dat is het.

Speaker 1:

Er zit veel meer ruimte in dat hele geloof, weet je wel. Is kan ook iets van mijzelf zijn en dat is ook oké, weet je wel. Ik kan me herinneren, er zitten mensen bij mij in de kerk en die daar heb ik het af en toe over, over geloof en dan stellen ze vragen aan mij en dan heb ik het daar met hun over. En wat ik ook heel erg merk en herken dan is dat je een bepaald beeld hebt van wat dat christelijk geloof in zou behoren te houden. Dat dat dan niet lukt om dat waar te maken.

Speaker 1:

En dat dat dan schuldgevoel oplevert of een gevoel van falen. En dan dat je een soort halve slappe christen bent. En dan probeer ik heel erg duidelijk mee te geven joh, laat dat los. Weet je, je moet. Het is nu tijd dat je zelf gaat ontdekken wat wie jij bent als christen, wie jij bent als gelovige, wat dat voor jou betekent en hoe dat eruit komt te zien.

Speaker 1:

En dus als voorbeeld van die hebben kennelijk ook wel een rolmodel gehad. Maar rolmodel vind ik een vrij positieve klank hebben. Maar je kunt dus ook. Ja, je kunt het ook. Je kijkt het doet het ook af, ook al is het geen rolmodel.

Speaker 1:

Je kijkt toch naar anderen. Zeker. Het is ook als het niet positief is neem je het ook over. Maar dan moet je het op latere leeftijd moet je het eigenlijk weer zien. Zo zie heb ik het dat persoonlijke leven, moet je het weer afschudden.

Speaker 2:

Denk, ik denk dat

Speaker 1:

rolmodellen ben best druk mee.

Speaker 2:

Ja, ja, dat is ook waar. Nee, maar dat betekent ook dat ik minder behoefte heb aan rolmodellen op dit moment. Weet je wel. Wij deelde deze week nog of dat deelde jij met mij nog een draadje op van Twitter over Stefan Paas die iets mooi analyseert waarvan ik dan met bewondering kan kijken hoe die altijd kan uitzoomen in religieuze discussies zeg maar. Waar ik dan met bewondering naar kan kijken.

Speaker 2:

Dus het gaat me wat ver om mijn rolmodel te noemen, dat vind ik dan mooi.

Speaker 1:

Maar een inspirerende man. Ja, vind ik wel.

Speaker 2:

Maar dan ga ik weer verder weet je wel. Terwijl een rolmodel op mijn wat jongere leeftijd toch wel toch veel sturender is.

Speaker 1:

Is het echt iets wat je die wat je wilt imiteren ofzo en wat je wilt nastreven.

Speaker 2:

Ja. En ik vind gewoon. Ja, jij hebt volgens mij een studie ook nog een artikel over Tabitha van Krimpen, de human theoloog. Ik stuur zo heel veel, hartstikke goed. Maar dat ging over het Christendom.

Speaker 2:

Jij

Speaker 1:

stuurt niet zo vaak wat.

Speaker 2:

Nee ik lees wel heel veel, maar ik stuur niet vaak wat op. Behalve dus dat artikel waar dit allemaal uit voortkomt.

Speaker 1:

Fair enough.

Speaker 2:

Maar nee, maar die zei heeft het ook over over dat verkopen van het Christendom. En ik denk dat dit er ook wel een beetje inzit. Ik had dus hebben ik voor mij had het toentertijd wel wat meer verkocht mogen worden.

Speaker 1:

Maar is het dan niet dat het toen wij opgroeide gewoon veel meer nog dan nu een vanzelfsprekendheid was en dat die noodzaak om dat te verkopen ook nog op een beetje een alledaagse hippe manier of niet zo nodig was. En nu zaten we misschien ook allebei nog in een kerkstroming waarbij dat sowieso al uit het onderste van de tenen moest komen. Ja, we hebben allebei, als we een hond aan tafel hadden gehad, dan had hij misschien een ander perspectief hierop gehad.

Speaker 2:

Nee, dat heb je wel goed punt. Nee, dat kan. Ja, dat is wel waar. Maar ik bedoel ook niet, want dat heb je natuurlijk ook wel een punt dat je nu is beeldvorming nog belangrijker. Maar ik bedoel niet zozeer dat hoor, maar ik bedoel dus gewoon wel echt dat hele persoonsgerichte, weet je wel.

Speaker 2:

Dus niet van hoe gelikt een dienst, gewoon wel mensen die jou en mij aanspreken direct.

Speaker 1:

Ja, je zit in de kerk en je kijkt om je heen en je ziet een paar rijen verder zie je mensen zitten die je misschien vaak kent of wel van naam en gezicht kent, maar verder niet. Maar de interacties die je met hebt met ze hebt gehad, maken toch dat je denkt ja, dit zijn echt mensen waar ik gewoon wel tegenop kijk ofzo. Zonder dat je heel goed kan aanwijzen waarom dan?

Speaker 2:

Ja, ja, ja. Ik weet ook dat mensen echt zo zeiden van ja, hadden een bepaald beeld van Kriston. Stoffig en zo. Ik dacht van nou, dan zou ik er wel eentje zo zo'n coole Christon zo even aan zijn lurven. Kijk, deze exemplaren lopen er ook gewoon

Speaker 1:

te Oké, maar wat is dan een coole Christon? Want het woord cool heb je een paar keer gebruikt. Maar wat is dat dan?

Speaker 2:

Terug vertaald naar toe. Ik vind dat wel moeilijk hoor. Is een half leven terug.

Speaker 1:

Je bent oud al.

Speaker 2:

Ja, als oud is dat is al veel jaren. Nou, ik had toen wel iemand dus nodig die wat meer van de wereld was. Dat je gewoon. Ik mocht gewoon heel veel dingen niet. Het was bij eerder een geloof van dingen niet mogen of dingen wel moeten.

Speaker 2:

Weet je wel, een beetje dat. Terwijl ik zoals ik zeg maar ook nu in het geloof sta en ook tegen veel jongeren wil zeggen van het kan. Nou ja, jij noemde dat ook al een paar keer. Relaxtic, weet wel. Het hoeft allemaal niet, weet je wel.

Speaker 2:

Ook helemaal bekeken vanuit theologische gronden, weet je wel. Je hebt al genade, je bent al aangenomen, weet je wel. Doe even relaxed, weet je wel. En ik had het gewoon nodig, terwijl het toen 1 grote, weg naar een eindpunt was ofzo waar ik allemaal nog hordes moest nemen en traptreden moest bestijgen en weet je wel. En ja, gewoon druk.

Speaker 2:

Ik mocht veel dingen niet. De dingen die ik graag deed, die waren eigenlijk seks dat soort dingen mochten allemaal niet. Het was eigenlijk gewoon een en al alles wat ik leuk vond mocht niet. Terwijl je me best wel had kunnen vertellen van ja, het mag natuurlijk, dat mag allemaal wel, maar er wordt wat van je gevraagd. Dat zijn gewoon hele andere uitleggen.

Speaker 2:

Andere benadering. Ik denk dat dat bedoel ik met cool. Ja dus niet of iemand een flatkuif heeft, la John der Volten en Queens ofzo, maar gewoon.

Speaker 1:

Dat is wel echt goud hoor. Maar dat heeft toch ook te maken. Daar kom ik eigenlijk weer terug op op dat punt van die die C in die jongeren vereniging zien te houden. Dat je dus ook de de skills moet hebben en het vocabulaire moet hebben en ook de durf moet hebben om daar dus meer over te zeggen van dan dit is fout en dit is goed. Dat je eigenlijk veel meer een ander

Speaker 2:

Dick, ga dat gesprekloos oefenen, want dan zeg je verkeerde dingen of je hebt het niet zo helder geformuleerd, weet je wel. Dan krijg je misschien een antwoord terug, weet je wel. Of je stoot toch iemand voor het hoofd, denk je, ja, moet eerst volgende keer dit gesprek.

Speaker 1:

Maar oefenen bedoel je dan hoe je hoe je een gesprek voert over jouw geloof met iemand die niet geloofd is?

Speaker 2:

Ja, bedoel, weet je, in mijn artikel noem ik natuurlijk ook die elevator pitch. Weet je dat je gewoon in de opgang naar van verdieping 1 naar 12 even snel aan iemand kunt vertellen wat nou precies jou drijft. Zonder heel Zonder heel droog en taai te worden zeg maar. Maar gewoon echt wat drijft je nou? Maar ik denk dus dat je dat moet oefenen.

Speaker 2:

Je weet precies wat eigenlijk wat die 2 jongens die jou doet. Op een gegeven moment zijn ze dat ook niet meer gaan oefenen denk ik. Dan wordt het ja, je wordt er niet flexibeler op naarmate je ouder wordt.

Speaker 1:

Nee, ik zei ook op een gegeven moment. Het gaat je ook niet meer lukken om hem terug te krijgen. Nee, als je hem kwijtraakt. Die C daar bedoel ik gewoon simpelweg mee. Hoe kan je nou.

Speaker 1:

Nee, bedoel, je kunt wel degelijk, want dat droegen zij vind ik overtuigend aan. Dat ze zeiden van ja maar wat wij wel doen is we hebben wel een bepaalde omgang met elkaar voor ogen. Een bepaalde groepsdynamiek waar iedereen zichzelf zich los en vrij moet kunnen voelen om te vertellen en te delen wat hij wil. En dat daar ook dan respectvol ruimte voor is. Als iemand daar dus die regels schendt, dan wordt die daar ook volop aangesproken.

Speaker 1:

Dus we willen die dan denk je ja oké, zijn te nastreven zwaarder denk ik. Niet niet voor Christus zijn, wel iets wat denk ik goed is om te doen. En dat dat dat ze zeiden ook van nou dat wordt, dat lijkt ook goed te lukken. Maar ja, als je dan dacht ik ja, bent dan een een kerkvereniging. Moet moet je dan?

Speaker 1:

Moet je dan meer doen? Moet je dan? Is dat dan oké om te? Ik vond het best wel lastig. Het is al heel snel belerend zo van ja, je moet je hoort toch bij de kerk?

Speaker 1:

Weet je,

Speaker 2:

dan moet je ook.

Speaker 1:

Ja, wat moet je dan? Maak die zin eens af dan. Wat moet je dan? Ja, moet je over God vertellen? Ik denk ja, ja, ja, misschien moet je dat wel doen ja op zo'n club.

Speaker 2:

Ja, ik hoop ik hoop wel dat je nog altijd kunt uitstralen van als je vragen hebt over het geloof en dat dat is misschien, dan vul ik nu in bij de jongens dan een beetje verdwenen, dat misschien die jongeren niet meer denken, dat moet ik hier halen.

Speaker 1:

Dat kan ik durven niet te zeggen.

Speaker 2:

Nee, durf ik ook niet

Speaker 1:

te zeggen.

Speaker 2:

Dat is ook heel lastig. Maar dat is misschien met dat kwijtraken, zat ik me aan te denken van. Ja, op een gegeven moment, als je dat dan nooit ook terugkomt in je persoonlijkheid, dan denk je Ik kan het ook heel plat zeggen, als je zegt maar nooit over voetbal hebt, dan gaan er mensen met voetbal vragen. Die gaan dan niet naar jou toe. Snap je?

Speaker 2:

Dan ga je naar de buurman.

Speaker 1:

Ja, precies. Dus het is eigenlijk wel een toch een beetje een alledaags onderwerp blijven. Maar

Speaker 2:

niet omdat ze niet denken dat je het dan niet kan, maar omdat je het er ook nooit over hebt. Dan dan is dit klaarblijkelijk. Dan moet je niet hier zijn voor dit soort vragen.

Speaker 1:

En als je dat dan weer koppelt aan je bent een jongeren vereniging vanuit de kerk, dan zou ik zeggen, maar die plek ben je wel.

Speaker 2:

Ja, ja, precies.

Speaker 1:

Want als jij niet bent, wie dan wel?

Speaker 2:

Ja, exact.

Speaker 1:

Dus dat, dat is vond ik een beetje de worsteling in dat gesprek van ja, maar aan de ene kant snap ik het heel goed. Ik bedoel, ik heb zelf jarenlang die vereniging ook medegeleid. Ik weet het precies, maar het zit hem er dus ook voor een deel in dat jongeren die lid worden van die gemeente uit diezelfde gemeente komen of uit omstreken zijn niet allemaal kerkelijk ofzo die naar die vereniging komen, maar dus ook niet goed die dat vermogen hebben om om goed om iets onder woorden te brengen. Weet je wel, het is meer een soort gewoonte. Daarmee lijk ik het al snel te diskwalificeren.

Speaker 1:

Dat wil ik niet doen, maar het onvermogen om daar zeg maar woorden over te woorden aan te geven en vragen over te stellen. En aan de andere kant de club leiden met ook een soort verlegenheid met het onderwerp, dan zit je aan 2 kanten. Ja, dan wordt het wel moeilijk hè?

Speaker 2:

Ja, ja, maar ik denk ik denk dat het ook is heel raar dat je dan ook zeg maar gewoon op een gegeven moment dus zonder dat je het wil ook onveilig wordt voor die Want klaarblijkelijk kun je dit onderwerp hier niet neerleggen. Je wel? Dus dan Je wilt liever dat het een veilige omgeving is. Weet je dat je het er niet altijd over moet hebben, maar dat je wel het gevoel hebt van als ik een vraag heb, kan het hier wel. We hebben het hier elke week over.

Speaker 1:

En dat vraagt toch eigenlijk wel dat er mensen in die context om je heen zijn. Het kunnen gewoon andere clubleden zijn of dat kan ook de leiding zijn. Dat maakt eigenlijk niet zo heel veel uit, maar dat je in ieder geval af en toe daar iets van meekrijgt. Dat dat gebeurt.

Speaker 2:

Ik sprak gisteren dominee en die had het heel erg over die vertelde dat bij zijn kinderen waren de, zijn kleinkinderen, er werden geen geen kinderbijbel meer voorgelezen. En als hij moest oppassen, dus die dominee en opa, dan deed hij dat wel.

Speaker 1:

3 hoofdstukken?

Speaker 2:

Ja, nee, ik vond die kinderen dat verschrikkelijk. En de vrouw van de dominee die had ook wat tegen kinderbijbels. Dus die kinderen die die zodra die oma er zo begon te twijfelen sprongen die kinderen ook meteen op. Die dachten mooi ingaan dan niet. Maar hij zei ik vind rituelen belangrijk.

Speaker 2:

En hij zegt na jarenlang dit gewoon elke keer gedaan te hebben, je ook al vond vonden mijn kinderen niks, vonden mijn kleinkinderen niks.

Speaker 1:

Dat is een vrouw.

Speaker 2:

Ja, maar nu komen ze al als die binnen komt lopen. Ja, het is tijd voor de Bijbel. Is klaarblijkelijk is er wel een soort linkje gelegd tussen die 2. Daarmee vertelt hij mij wel iets over ritualisatie. Kijk en dan is dit misschien zeg maar voor jonge verenigingen zou ik niet bijbel lezen doen.

Speaker 2:

Maar het zou wel mooi zijn, ook al is het een heel vast iets als je zeg maar iets gelovigs nog de inhoud.

Speaker 1:

Ook al zou dan zou dan een deel ongemakkelijk naar buiten uit Exact.

Speaker 2:

Ik zou gewoon doen. Ik begin even met een gebed ofzo. En dan moet iedereen meedoen. Echt heel grappig. Dat

Speaker 1:

is heel

Speaker 2:

Maar ik denk wel als je dat dus keer op keer doet en je krijgt natuurlijk dat is de doelgroep die gaan zeuren die gaan uit de neus bikken als je je ogen open doet. Dan zit de helft op de telefoon. Prima, maar gewoon volgende keer weer doen. Dat vond ik wel grappig aan dit verhaal. Je moet gewoon van die dingen erin houden waarvan je eigenlijk niet zo goed begrijpt waarom.

Speaker 2:

En ik denk zelfs dat die jongeren misschien nadat je 3 jaar op de club hebt gezeten toch ook dat wel zult noemen als een element van ja, ja, heb toch altijd geweten dat ik nog wel bij een christelijke vereniging zat.

Speaker 1:

Ben je dan naar het onderwerp. Ben je dan een rolmodel?

Speaker 2:

Nou ja, het is wel. Het is wel een manier om te laten zien hoe je op een of andere manier handen en voeten aan je geloof kan geven. Dus als dat dan.

Speaker 1:

Ja, met een soort vrijheid ook. Zonder dat dat zeg zeg maar als wij als we als wij over series kijken, televisieseries kijken wat we allebei graag mogen doen, dan hebben we gewoon bepaalde woordenschat die we gebruiken.

Speaker 2:

Ja,

Speaker 1:

de kunst is als het over geloven gaat om dan niet. Daar hebben natuurlijk vaak genoeg over gesproken en geschreven om dan niet in 1 keer wat jij al eerder noemde over te schakelen naar een soort parallelle wereld waar we dan totaal andere woorden gebruiken.

Speaker 2:

Dan begrijp

Speaker 1:

je toch ook bij die puberrel en snap ik dus totaal dat die jongen uit Haarlem die denkt joh, ik gewoon totaal af, want ik hoor, ik, ik, ik kan gewoon helemaal niet. Ik kan hier helemaal niks mee. Ik snapte het.

Speaker 2:

Stelt de lettertjes bijvoorbeeld zo onder de toorn Gods. Ja, ja, weet je wel.

Speaker 1:

Maar zo praat je natuurlijk over. Wij praten over televisieseriëns ook niet zo. Nee. Dus het is heel raar dat je dan

Speaker 2:

op

Speaker 1:

als tiener zie je dat iemand anders doen. Die schakelt in 1 keer over naar een andere zender lijkt wel. Ja, dan denk je dan wat een raar iets joh.

Speaker 2:

Wat vreemd. Ja en en ik vind dat dus ook wel wat jij ook eerder zei dat je moet ook niet zo zeg maar gewoon daar je oogkleppen opzetten. Nou dit verhaal ram ik eruit weet je wel, dan hebben we dat in ieder geval gehad. Je moet ook kijken naar die naar die ander. En als je merkt van wat ik nu aan het vertellen ben komt niet over.

Speaker 2:

Dat vind ik nog het allerbelangrijkste. Dan moet je dus klaarblijkelijk je verhaal hopelijk nog midden in je verhaal nog weer terugschakelen. Dan gebeurde het.

Speaker 1:

Luister als het nog kan.

Speaker 2:

Ja, gij dacht gewoon dat was gewoon een soort blind baard weet je. Als ik dit maar gewoon eruit geramd heb, dan zijn we klaar. Het was een 8

Speaker 1:

puntenlijst die afwerken. Exact.

Speaker 2:

Maar als je gewoon naar hem had gekeken, had je halverwege je zin eigenlijk moeten stokken en gewoon moeten zeggen en dat is heel eerlijk en daarmee creëer je denk ik ook ruimte. Je zegt van och, ik merk helemaal dat ik echt in abracadabra voor je waarschijnlijk aan het praten ben. Alleen al zo'n zin geef je al toe dat je begrijpt dat die ander helemaal niet ingewijd is in dit en en en ik denk dat daar allemaal dat zijn allemaal van die misschien hele logische gebeurt niet zo vaak.

Speaker 1:

Ja, maar het moet aangeleerd zijn om dat te kunnen. Omdat je moet dat aanvoelen bij die tiener die totaal aftaait. Maar je moet dan ook nog een soort andere versnelling hebben waarin je in de taal waarin je ook over voetbal en tv-series praat over je geloof kunt praten. En ja, dat moet je dan. Dat moet je geleerd zijn.

Speaker 1:

Dat moet je af hebben gekeken. En misschien is dat.

Speaker 2:

Nee, het is hoe graag je natuurlijk die inhoud wil. Stel je voor jij wilt mij wat op zo'n serie vertellen van wil je het gewoon verteld hebben weet je anders het lekker uit jouw systeem en dan nou dan heb je het gewoon maar bij die ander op de schikken of wil je ook daadwerkelijk dat ik er wat van begrijp wat jij doet en en dat is natuurlijk echt het grote verschil van Er wordt ook wel eens verteld over die activiteiten van jeugdleiders en zo weet je wel van ram niet door tot het einde en dan heb je de zweetparels op je voorhoofd staan, maar gelukkig je hebt je lesje gedaan. Ja, eigenlijk dat schiet niet op. Maar ja, veel vrijwilligers zijn toch blij als ze, nou ja, dat had ik opgeschreven.

Speaker 1:

Maar dat had je toch weer gebracht ofzo.

Speaker 2:

Ja, en daar zit Ik miste wat vroeger dus. Dat iemand zo halverwege inbrak en zei: dit is waarschijnlijk echt verschrikkelijk gevonden. Zullen we nu gewoon even lekker over voetbal praten? Of die nieuwe CD van Chili Pepper, die was echt slecht en

Speaker 1:

weet je wel. Dat het een goede mix wordt ofzo. We moeten misschien het wat later aandurven om in de podcast nog eens wat dichter bij huis onze eigen rolmodellen. Ja, bij de hoorns te vatten.

Speaker 2:

Het feit ja, we hebben nu al een beetje gehad over of wij een rolmodel kunnen zijn.

Speaker 1:

Ja precies. Daarmee komt ie ook dicht bij huis. We hebben allebei kinderen. Maar goed voor nu. Ze hebben alweer door de tijd heen.

Speaker 1:

Het is altijd een genoegen om zo. We hadden zo nog

Speaker 2:

door kunnen praten.

Speaker 1:

Ja, we hadden zo nog door kunnen praten. Heb mijn biertje ondertussen hopelijk geruisloos leeggeslurpt. Jij hebt zo beleefd om dat na de stof nog te doen. Ik ga op

Speaker 2:

stof drukken. Later. Dat

Speaker 1:

was hem alweer aflevering 37 van Geloofsvoergesprek. Zorg er voor dat je geen aflevering mist door je te abonneren in je podcast app. Volg ons op Twitter of Facebook of abonneer je op onze nieuwsbrief. Wat je leuk vindt. Tot de volgende keer.

Makers en gasten

Dick
Host
Dick
Podcaster en schrijver voor geloofsvoer.nl
Renco
Host
Renco
Podcaster en schrijver voor geloofsvoer.nl
#37 Rolmodellen
Uitgezonden door